Van pokeren word je pienter

Voeg dit bericht toe aan NuJij.nl Voeg dit bericht toe aan eKudos.nl Voeg dit bericht toe aan MSN.nl Voeg dit bericht toe aan MSN.nl Voeg dit bericht toe aan MSN.nl Voeg dit bericht toe aan MSN.nl
Dinsdag 30 September 2008
 Het is goed dat de overheid gokverslaving tegengaat. Maar poker is geen simpel kansspel, meent Martijn J. van den Assem.

Poker is ongekend populair: internetpokersites floreren, het aanbod van pokerboeken is enorm, de speeltafels van Holland Casino kennen wachtrijen, op tv verschijnen diverse pokerprogramma’s, en er is zelfs een heuse Nederlandse PokerBond. Tegelijkertijd is pokeren ‘om echt geld’ in ons land illegaal. Alleen in haar eigen casino’s en in ‘de huiselijke sfeer’ staat de overheid het spelen van het spelletje toe.

De pogingen om het pokeren in de hand te houden zijn best begrijpelijk. Gokverslaving kan een serieus probleem zijn met vervelende gevolgen. Over de regelgeving wordt vaak gediscussieerd, ook in politieke kringen. Naar mijn oordeel zou daarbij de educatieve waarde van pokeren best een rol van betekenis mogen spelen.

De doorsneespeler op internet en in casino’s verliest met het spel: de ‘bank’ incasseert immers steeds een deel van de inleg van spelers. Een vraag die voor velen tot de verbeelding spreekt, is of het ook mogelijk is een systematische winnaar te zijn. Bestaan ze, ‘professionele pokerspelers’ die hun baan opzeggen en hun brood bij elkaar kaarten? Ik ken deze kings of poker niet in mijn vrienden- of familiekring. Toch ken ik ze wel.

Graag maak ik een persoonlijk praatje met studenten in de pauze van een werkcollege of tijdens een scriptiebespreking. Opvallend veel studenten blijken hun studie en hun levensonderhoud te betalen van hun maandelijkse pokerwinsten. Wie zich verdiept in het spelletje komt tot de conclusie dat het eigenlijk helemaal niet zo verrassend is dat veel economiestudenten goede pokerspelers zijn. Poker zit bomvol economielessen, en wie daarmee vertrouwd is, staat een straatlengte voor op zijn tegenstanders! Ik zal uitleggen waarom.

Om te beginnen worden onze studenten grondig geschoold in statistiek, waar kansrekening deel van uit maakt. Een ervaren rekenaar weet hoe groot de kans is dat een bepaalde kaart of een combinatie van kaarten wordt omgedraaid door de ‘dealer’. Wie bijvoorbeeld de kansen weet op combinaties die met zekerheid een winnende hand opleveren, kan beter dan een ander bepalen welke inzetten winstgevend zijn en welke niet.

In de meeste spelsituaties zijn de kansen op het winnen van de pot niet precies bekend. Economen spreken dan niet van risico, maar van onzekerheid. De oorzaak van de onbekende kansen is natuurlijk het ontbreken van volledige informatie over de kaarten van de tegenstander. Door deze incomplete informatie wordt een speler geconfronteerd met adverse selection, een bekend begrip uit economieboeken.

Een speler die denkt goede kaarten te hebben – en daarmee extra ‘chips’ wil winnen door de inzet flink te verhogen – zal zien dat anderen vaak eieren voor hun geld kiezen. En als er wel een speler zo gek is om die chips te betalen, dan blijkt dat vaak een tegenstander te zijn die helaas nòg betere kaarten heeft... Wie te veel handen speelt, speelt door het selectievere gedrag van anderen gemiddeld genomen tegen spelers met betere kaarten en maakt daardoor verlies. De alerte speler die bekend is met de gevolgen van informatie­asymmetrie denkt beter na over welke handen hij weglegt en welke hij speelt en met welke inzet, en voorkomt zo onnodige zeperds.

Wat de pokeraar ook in de kaart speelt, is kennis van menselijke beperkingen in beslissingssituaties met risico. Gelukkig hebben economen steeds meer oog voor deze beperkingen en het belang van de consequenties ervan. Ook in onderwijsprogramma’s is groeiende aandacht voor behavioral finance en behavioral economics. Een van de verschijnselen is de onjuiste conclusie die mensen trekken over kansen na een korte reeks waarnemingen, ook wel omschreven als het onterechte geloof in ‘de wet van de kleine aantallen’ of representativeness heuristic.

Een bekend voorbeeld ervan is de zogenaamde gambler’s fallacy: men denkt onterecht dat de kans op ‘kop’ groter is dan 50 procent na een lange reeks van ‘munt’. Vrij vertaald naar poker: het kan toch niet zo zijn dat de speler die een aantal keer achter elkaar een goede hand had en nu opnieuw flink inzet, opnieuw een goede hand heeft? Wie de systematische denkfout herkent, buit deze uit bij zijn eigen reeks van goede handen, en trapt niet in de val als een tegenstander een goede reeks heeft gehad.

De onjuiste perceptie van kansen zie je ook terug in de overconfidence bias. Aan het begin van het collegejaar vraag ik altijd aan alle nieuwe eerstejaars om met een groen, geel of rood kaartje aan te geven hoe zij hun salaris na hun studie inschatten ten opzichte van dat van de andere studenten in de zaal: in de bovenste helft, (groen), op de helft (geel), of in de onderste helft (rood). Ieder jaar opnieuw is er vrijwel geen rood kaartje te bekennen, een bekend fenomeen voor gedragseconomen.

Ook pokerspelers lijden in de regel aan een grote mate van zelfoverschatting: iedereen is in de veronderstelling een bovenproportionele kans te hebben op het winnen van het toernooi. Het gevolg is dat pokerspelers die ver in een toernooi komen relatief zelden van de – rationeel gezien aantrekkelijke – mogelijkheid gebruik maken om de buit eerlijk te verdelen teneinde te voorkomen dat een paar handen beslissend worden voor de verdeling van het grote prijzengeld.

Een ander leuk voorbeeld is de sunk cost trap. Zoals een manager of de overheid het vaak nalaat om een project te annuleren waarin reeds veel geld is geïnvesteerd, maar dat het eigenlijk niet waard is om te continueren, zo kunnen pokerspelers maar geen afstand nemen van die pot waaraan zij al veel chips hebben bijgedragen, wetende dat de kansen op het winnen ervan eigenlijk te klein zijn om de extra investering te verantwoorden.

In 2002 is de Nobelprijs Economie uitgereikt aan Daniel Kahneman, een van de bedenkers van de prospect theory. Een van de elementen in die theorie is dat mensen een veel groter gewicht toekennen aan verliezen dan aan winsten – men noemt dit loss aversion – en dat bij verliezen de gebruikelijke risicoafkeer van mensen afneemt tot zelfs risicozoekend gedrag in de hoop de verliezen weg te werken.

Zelf heb ik samen met anderen sterk bewijs gevonden voor dit breakeven effect na het analyseren van de keuzes van kandidaten in het televisiespel Deal or No Deal (ook bekend als Miljoenenjacht), waarbij grote bedragen op het spel staan. Pokerspelers vertonen hetzelfde gedrag: zij die net het grootste deel van hun chips hebben verloren, zien nieuwe handen als mogelijkheden hun verlies te reduceren en zijn daardoor opeens bereid te investeren in handen met een negatief verwacht resultaat. Wie hier weet van heeft, maakt zelf deze fout niet, en buit hem uit bij tegenstanders die zojuist onderuit gingen.

Je ziet, economie en poker hebben veel gemeen. Wie het spel speelt en kritisch analyseert wat er fout gaat, volgt in de pokerpit ongemerkt economieles.

Het is een goede zaak dat beleidsmakers gokverslaving willen bestrijden. Maar wie poker wil verbieden, mag er best rekening mee houden dat onze economiestudenten daarmee hun bijbaantje wordt afgenomen, en dat anderen een leerzame portie praktijkles van deze ‘kings of poker’ wordt onthouden.

Poker is geen kansspel, zoals de Hoge Raad heeft bepaald, maar een behendigheidsspel. Het monopolie erop zou daarom niet alleen aan Holland Casino, in casu de overheid, gegund moeten worden. Dit is een van de uitspraken die de statisticus prof.dr. Ben van der Genugten vandaag doet in zijn afscheidsrede ‘Les jeux sont faits’ aan de Universiteit van Tilburg. Volgens Van der Genugten blijkt uit zijn onderzoek dat er voor een ervaren speler mogelijk is zijn winstkans te verhogen door een strategie te volgen.

De Wet op de kansspelen verbiedt het om „gelegenheid te geven om mede te dingen naar prijzen of premies, indien de aanwijzing der winnaars geschiedt door enige kansbepaling waarop de deelnemers in het algemeen geen overwegende invloed kunnen uitoefenen, tenzij daarvoor ingevolge deze wet vergunning is verleend”. Alleen Holland Casino heeft zo’n vergunning.

Er zijn in het verleden pogingen gedaan om verschillende spelen buiten deze vergunning te krijgen, waarbij is geprocedeerd tot aan de Hoge Raad. De Hoge Raad oordeelde echter in 1998 dat poker wel een kansspel is, een spel dus waarvoor vergunning vereist is.

Volgens Van der Genugten is dat ten onrechte: „Meerpersoonspoker is het enige spel waarbij de conclusie van de Hoge Raad niet consistent is met [onze] methodiek. Het is dus ook een inconsistente uitspraak die naar onze mening maar eens herzien zou moeten worden.”

Bron: Nrc.nl


Geef uw reactie op dit poker bericht

Naam:
Email:
Reactie: